logo-new-bluesbreeker

 

 

 


button-home

 

button-recensies

 

button-gastenboek

Clubbing - Robbert Fossen & Peter Struijk Band
(BSR 07)

Robbert-Fossen-en-Peter-Struijk-BandChicagoblues kan heel deprimerend maar ook opgewekt klinken. En een combinatie van beiden resulteert veelal in een interessant muzikaal effect. Dat is ook hetgene dat Robbert Fossen en Peter Struik voor ogen hebben gehad bij het uitbrengen van hun recente album: “Clubbing”. Samen met Jan Markus op de bas en Eduard Nijenhuis achter de drumkit hebben ze elf nummers verzameld. Interpretaties van onder meer: Muddy Waters; Nick Holt; Magic Slim en Ray Charles. Spijtig genoeg staat er maar één eigen werkje op het album. ‘I’m Going Down To Clarksdale’ uit het brein van Robbert Fossen gesproten. 

Met deze stijl is het beiden ook gelukt om de Dutch Blues Challenge te winnen en uitgezonden te worden naar Memphis. Daar hebben ze de finale weten te bereiken van het gerenommeerde IBC (International Blues Challenge). Een prestatie waarmee je voor de dag mag komen.
En eigenlijk is dat ook niet zo vreemd dat ze zover zijn gekomen gezien hun kwaliteiten, zowel als duo maar ook met hun band.

Robbert Fossen heeft een bijzonder fraai stemgeluid. Diep en warm en bij tijd en wijle ook heel emotioneel zoals je duidelijk kunt horen op: ’Ain’t  Gonna Worry About Tomorrow’. Heel indringend wordt dit nummer, geschreven door Little Johnnie Christian, gezongen en op gitaar ondersteund door Peter Struijk. Deze laatste is een puik gitarist die ook op de dobro zijn mannetje wel staat. Hij speelt verdomde strak en zuiver, geen overdaad maar heel geslepen en afgerond. En daar waar nodig treedt hij op de voorgrond.

Met het bekende ‘That Will Never Do’  van de pas overleden Magic Slim wordt “Clubbing” geopend en met ‘Bad Avenue’, ook van Magic Slim, stoomt de band door tot aan het laatste nummer ‘Sinner’s Prayer’ van Ray Charles. Dat overigens een van de betere vertolkingen is welke ik ooit van dit nummer heb gehoord.Tussen het openings- en slotnummer van het album zit heel wat muzikale kwaliteit in ‘nullen’ en ‘enen’ verzameld. Wat te denken van “Gotta Love Somebody’ met wat funky-invloeden of het daarop volgende ‘Kiddeo’ dat wel haast iedere bluesliefhebber ooit heeft gehoord.

Op het akoestische ‘Can’t Be Satisfied’ kan Robbert zich op de harp en Peter op de Dobro lekker uitleven. Dit nummer van Muddy Waters klinkt hier wel erg lekker vet, uiteraard geluidstechnisch lekker opgepoetst ten opzichte van het origineel.
Als je zes nummers beluisterd hebt afkomstig van de grote meesters in het ‘Chicago blues genre’ en je krijgt dan Robberts eigen werkje ‘I’am Going Down To Clarksdale’ te horen dan hoor je geen verschil. Ik bedoel daarmee dat het niveau en de kwaliteit van dit nummer op een gelijk niveau geschaald kan worden als alle vorige nummers op dit album. Daarom ook een dikke veer in Robberts kont voor deze geweldige compositie.

‘Back To School’ is nog zo’n lekker volvet dampend bluesnummer. De combinatie van slide, harp en gitaar nog aangedikt met de drum, klinkt super. Goed getimed met pittige licks tussendoor maar niet overheersend is het een klasse vertolking.
Zoals gezegd, het album wordt afgesloten met een ruim zeven minutendurende uitvoering van ‘Sinner’s Prayer’ met daarop een lange uitgesponnen gitaarsolo van Peter Struijk. Een erg gave uitvoering.

Het hele album straalt rust uit, de nummers zijn goed gekozen en biedt ruim voldoende variatie. Ik hoop nu dat het volgende album iets meer eigen werk bevat want het eigen nummer dat hierop staat vind ik geweldig. Sterke muziek, goede tekst en bovenal goed gespeeld. Daar wil ik nog veel meer van horen. Maar “Clubbing” mag dan hoofdzakelijk covers bevatten maar de kwaliteit waarmee ze zijn uitgevoerd is erg goed en zelfs meer dan goed. Het is een sterk staaltje vakwerk wat de mannen hier hebben neergelegd.