logo-new-bluesbreeker

 

 

 


button-home

 

button-recensies

 

button-gastenboek

I Hear The Wind In The Wires - Jim Byrnes
Cable Car Records LC 20766

Tekst: Harm Lutke

Jim-Byrnes-I-Hear-The-Wind-In-The-WiresDe Amerikaanse acteur / zanger Jim Byrnes, die in Canada bekend staat als een veteraan in de bluesmuziek, heeft zich met de cd ‘I Hear The Wind In The Wires’ in de rij van artiesten geschaard die het nodig vonden om een Country album uit te brengen. Ik zou zeggen: Sluit u maar achter in de rij aan, want velen gingen u reeds voor! Dat klinkt cru, maar ik heb nooit begrepen waarom artiesten van hun succesvolle pad afwijken en zo nodig iets totaal anders gaan doen. Je hoopt op nieuwe songs, maar je moet het, vooral wanneer het om Country gaat, toch meestal doen met uitgekauwde classics/traditionals, die niet zelden door anderen al beter gebracht zijn en niks meer aan het origineel toevoegen. 

Dit waren mijn eerste gedachten bij het aanschouwen van het hoesje van ‘I Hear The Wind In The Wires’, dat erg jaren zestig aandoet.
Met enige terughoudendheid schuif ik het schijfje dan ook in mijn speler, zet ik zo goed mogelijk de vooroordelen van me af en begin ik aan de eerste luisterbeurt. 

Er wordt voortvarend gestart met het Hank Snow nummer ‘I’m Movin’ On’. Dat klinkt lekker tot dat er een orgelsolo komt, waardoor het nummer in een keer naar het niveau van een willekeurig kermis duo zakt. Ik doel hiermee op het geluid en niet op de solo aan zich. Zo’n orgel tussen traditionele Country instrumenten zal wel vernieuwend zijn, maar voor mij had het niet gehoeven.
‘City Lights’ is een volbloed Country song. Door de violin gedomineerd, kabbelt het nummer rustig voort. Hierna volgt ‘Above and Beyound’, een nummer dat het op de linedance-vloer ongetwijfeld goed zal doen, waarbij de pedal steel guitar voor een lekker sfeertje zorgt. 

Op het soulvolle/bluesy ‘Big Blue Diamonds’ is het orgel beter op zijn plaats, maar het is toch een verademing als de solo door een overstuurde gitaar wordt overgenomen.
Een duet doet het ook altijd goed op dergelijke cd’s. De keuze viel op ‘Pickin’ Wild Mountain Berries’ en hier op wordt door Colleen Rennison vocaal goed tegengas gegeven, wat in een schitterend uptempo duet resulteert.
Een song die je niet zo vaak op een country-tribute cd tegenkomt is ‘Ribbon of Darkness’ van Gordon Lightfoot. Zonder gefluit en een stuk langzamer maakt Jim er een echt country nummer van. 

Nu ik bijna halverwege de cd ben moet ik eerlijk bekennen dat deze mij nog niet tegen valt. Jim Byrnes is dan ook geen kleine jongen, een (blues) zanger met naam en zijn warme, rijpe stem leent zich verdomd goed voor dit genre. Zoals dat met artiesten van de gevestigde orde gaat kunnen zij, naast hun eigen band, voor de begeleiding kiezen uit muzikanten van gelijk niveau en dat is op dit album ook duidelijk te horen. Bovendien weet Jim een eigen draai te geven aan de songs, waarvan een aantal inderdaad uit de sixties stammen. Over het hoesje heeft men dus goed nagedacht. 

De zevende track is de vrolijke Dolly Parton song ‘The Bargain Store’ met in de begeleiding strak bariton gitaarspel van Steve Dawson, die voor alles wat gitaar heet op deze cd verantwoordelijk is.
Een ‘tearjerker’ van jewelste is ‘Don’t Let Her Know’ van Buck Owens. Als je dan toch gezellig bezig bent om country songs te coveren, mag een song van Marty Robbins natuurlijk niet ontbreken. ‘Big Iron’ wordt in een nieuw jasje gestoken en doet het origineel geen geweld aan.

‘Sensitive Man’ (Nick Lowe) is een beetje vreemde eend in de bijt maar wel een van de leukste songs op deze cd en…. hierop komt het orgel bijzonder goed tot zijn recht. 

Dan is het tijd voor The Sojourners om een bijdrage te leveren. Ik heb Jim Byrnes en The Sojourners al eens live gezien op the Southern Blues Night en zij wisten die avond de zaal in no time totaal in te pakken. ‘Harbour Of Love’, van origine een bluegrass song van de Stanley Brothers, wordt door hen hier veranderd in een prachtige, langzame gospel. 
Een song die me zonder meer weet te raken is Jim’s versie van ‘House Where Nobody Lives’. Tom Waits zal niet ontevreden zijn met deze bijzonder gevoelig gezongen, soulvolle versie. Hierbij voel ik mij in mijn mening gesterkt dat niet ieder lied voor orgel geschikt is, want hier is het instrument de drijvende kracht. Schitterende solo, die ook hier weer overgaat in gitaar.
Het album eindigt met de Hank Williams klassieker ‘Honky Tonk Blues’.

In 47:07 minuten is mijn mening aangaande tribute albums volledig bijgesteld en heb ik het album inmiddels al vele keren gedraaid. ‘I Hear The Wind In The Wires’ bestaat dan wel uit covers, maar op een verfrissende, andere manier gebracht is het een smaakvol album geworden en dat niet alleen voor Country liefhebbers. Zó kan het dus ook!

 
upwn40wiwc9 f453